Home > Bloedziekten > Anemie bij chronische ziekten (ACD)

A  A  A 

Anemie bij chronische ziekten (ACD)

Meestal normochroom en normocytair, soms microcytair. Komt voor bij maligne ziekten (ook zonder beenmerginfiltratie), nierziekten, chronische infectieziekten en chronische inflammatoire aandoeningen zoals reumatoïde artritis. Vaak een complex van oorzaken: bloedverlies, voedingstekorten, resorptiestoornissen, overmaat TNF-productie, tekort aan erytropoëtine: dit laatste vooral bij chronische nierinsufficiëntie.
LABORATORIUMONDERZOEK
Serumijzergehalte en ijzerbindingscapaciteit zijn meestal beide verlaagd. Ferritine meestal verhoogd of normaal. Beenmerg bevat veel weefsel ijzer, maar bouwt dit niet in.
THERAPIE
Gericht op de oorzakelijke ziekte; behandeling met ijzer en vitaminen is zinloos. Bij nierinsufficiëntie is erytropoëtinesuppletie bewezen effectief, waarbij gestreefd wordt naar subnormale Hb waarden. Ingeval van ACD bij kanker wordt erytropoëtine afgeraden. Bij andere ziekten die gepaard gaan met ACD is dit nog in studie. Risico's van erytropoëtine zijn tumorprogressie, trombo-embolische complicaties en stimulatie van de vaatgroei.
Zoeken in Codex Medicus
ZOEK OP TREFWOORD
Inloggen
Onthoud gegevens