Home > Kindergeneeskunde > Bronchopulmonale dysplasie

A  A  A 

Bronchopulmonale dysplasie

Chronische longschade die optreedt bij preterm geboren kinderen na doormaken van hyalienemembraanziekte waarvoor beademing met zuurstofrijke lucht nodig was. Op X-thorax: zones van emfysemateuze hyperinflatie en afwisselend met kleine atelectase en radiodense strengen.
DIAGNOSE
Klinisch maakt men gebruik van twee definities: zuurstofbehoefte en afwijkende X-thorax bij een kind ouder dan 28 dagen resp. op de à terme leeftijd.
ETIOLOGIE
Meestal wordt aangenomen dat de longen, kwetsbaar door structurele en functionele immaturiteit bij de geboorte leidend tot hyalienemembraanziekte, verder beschadigd worden door zuurstofradicalen en barotrauma door de positieve drukbeademing. Vochtoverlast en infectie spelen een bijkomende rol.
THERAPIE
Vooral symptomatisch, terwijl gewacht wordt op spontaan herstel: vochtbeperking en diuretica: extra zuurstof om een voldoende zuurstofsaturatie te verkrijgen teneinde pulmonale hypertensie en cor pulmonale te voorkomen, dexamethasone en bronchusverwijders. Opnieuw beademen bij falen van de spontane ademhaling heeft veelal een ongunstige prognose.
PROGNOSE
Zeer verschillend en afhankelijk van de ernst van de initiële problemen. Herhaalde luchtweginfecties, bronchiale hyperreactiviteit en beperkte longfunctie zijn frequent.
PREVENTIE
Aan te pakken op drie niveaus: preventie van prematuriteit; preventie van hyalienemembraanziekte (RDS) door prenatale maternale toediening van corticosteroïden ter ondersteuning van foetale longmaturatie; en optimalisatie van de behandeling van RDS, onder andere door sluiten open ductus Botalli met L-R-shunt, vermijden van hoge beademingsdrukker en gebruik van hoogfrequentie oscillatie beademing.
Zoeken in Codex Medicus
ZOEK OP TREFWOORD
Inloggen
Onthoud gegevens